Komend strafwetboek biedt journalisten meer bescherming

Geweld tegen journalisten neemt hand over hand toe, steeds moeilijker wordt het om die middle ground te vinden. Een recente VVJ-survey wees uit: vier op de vijf journalisten maken zich zorgen over een groeiend anti-journalistiek sentiment, de helft was reeds het slachtoffer van een vorm van agressie. In zijn ontwerp van nieuw Strafwetboek wil federaal Minister van Justitie Van Quickenborne (Open VLD) misdrijven tegen journalisten nu zwaarder bestraffen.

Bij toenemend geweld is een goede verstandhouding met de ordediensten belangrijk. Die begint bij herkenbaarheid van professionele journalisten. Daarnaast is het belangrijk dat incidenten goed worden opgevolgd. Concreet wil de minister journalisten toevoegen aan de bestaande lijst van beroepen met een maatschappelijke rol – denk aan artsen, brandweerlieden, postbodes en chauffeurs van openbaar vervoer – met een zwaardere bestraffing van bepaalde misdrijven tegen hen als gevolg. Tegelijk wordt de lijst van misdrijven uitgebreid: niet enkel opzettelijke slagen en verwondingen en doodslag maar ook foltering en onmenselijke behandeling triggeren de strafverzwaring. Onder ‘onmenselijke behandeling’ kunnen bijvoorbeeld herhaaldelijk ernstige bedreigingen worden begrepen. Als een dergelijk misdrijf wordt gepleegd tegen een journalist, dan moet de rechter een zwaardere straf opleggen. Ter illustratie: gewelddaden die doorgaans met 3 tot 5 jaar cel (niveau 3) worden bestraft, zullen ten aanzien van journalisten met 5 à 10 jaar cel (niveau 4) worden bestraft.

In het verlengde hiervan zouden journalisten ingevolge een omzendbrief van het College van procureurs-generaal vier extra waarborgen krijgen. De politiediensten zouden dan bijzondere aandacht moeten geven aan hun klachten, in de vorm van een uitvoerig proces-verbaal en de onmiddellijke verwittiging van het parket. Vervolgens zou het parket het slachtoffer en diens werkgever stipt op de hoogte houden van het verloop van het strafonderzoek. Klachten van journalisten zouden, steeds volgens vermelde omzendbrief van 2008, ook de vermelding ‘Geweld tegen beschermd slachtoffer (artikel 410 bis Sw.)’ krijgen, wat inventarisatie mogelijk maakt.

De VVJ en zusterorganisatie AJP vragen al langer om betere beschermingsmaatregelen. Zo is er met persveilig.be sinds kort een meldpunt voor bedreigingen en geweld beschikbaar. Daarnaast kunnen journalisten er terecht voor info over veiligheidsbevorderende maatregelen en training. Met de maatregelen op strafrechtelijk vlak wordt de bescherming van journalisten nog opgeschroefd.

Minister van Justitie Vincent Van Quickenborne: ‘Het is een onrustwekkende vaststelling dat journalisten steeds meer worden geviseerd. Niet enkel de journalist wordt daarbij getroffen, maar ook de hele maatschappij. Een vrije pers is namelijk cruciaal voor een vrije samenleving. Geweld ondermijnt objectieve informatie en onafhankelijke verslaggeving. Net zoals bij politiemensen aanvaarden we als samenleving niet dat journalisten het doelwit van geweld worden. Daarom zorgen we voor strengere straffen om hen beter te beschermen.

 

(CM)

(Foto: Paul-Henri Verlooy/Belga)