VVJ ongerust over vermenging journalistiek en commerciële content

Het VVJ-bestuur maakt zich zorgen over de toenemende verstrengeling van het nieuwsaanbod met commerciële content in sommige mediabedrijven. Aan de Raad voor de Journalistiek, waarin ook mediadirecties vertegenwoordigd zijn, vraagt het de beroepsethische regels ter zake te verduidelijken.

Aan de Raad voor de Journalistiek

Geachte voorzitter en leden,
Geachte secretaris-generaal,

Naar aanleiding van een paar recente publicaties over het thema, heeft het VVJ-bestuur zich begin september gebogen over de actuele verhoudingen tussen de Vlaamse redacties en de commerciële activiteiten van de Vlaamse mediahuizen.

Daarbij is vastgesteld dat die verhouding hier en daar wel degelijk problematisch is.

In sommige mediahuizen blijken de redacties te worden gedwongen om ruimte of tijd ter beschikking te stellen van louter commerciële zaken. Die laatste kunnen uitgaan van het eigen mediahuis of nevenbedrijven daarvan, van commerciële partners van het mediahuis, of van sponsors of adverteerders.

Onder meer in de online berichtgeving blijkt er hier en daar sprake van een problematische vermenging van journalistieke en commerciële inhoud.

Ook de laatste Journalistensurvey (UGent/ULB, 2018) releveerde een niet te veronachtzamen ontevredenheid over de ‘commerciële en marketingdruk’ vanwege de mediabedrijven op het journalistieke werk.

De grote verliezer in dit verhaal is uiteindelijk de nieuwsgebruiker, die niet langer het onderscheid merkt tussen journalistieke inhoud en commerciële content.

Maar finaal dreigt deze praktijk zich ook tegen de nieuwsmedia zelf te keren, wanneer de nieuwsgebruiker zover wordt gedreven dat hij zijn vertrouwen in het nieuwsaanbod opzegt.

Artikel 9 van de Code van de Raad voor de Journalistiek bepaalt: De journalist en zijn redactie bewaren hun onafhankelijkheid en weren elke druk.
Deze bepaling geldt niet enkel ten overstaan van externe (politieke e.a.) krachten, maar even goed tegenover ongepaste commerciële impulsen binnen het mediahuis.

Artikel 9 bepaalt verder: De journalist aanvaardt slechts redactionele richtlijnen van de redactieverantwoordelijken.
In een richtlijn bij het artikel heet het nog: De hoofdredacteur of degene die deze journalistieke functie uitoefent heeft de eindverantwoordelijkheid voor het geheel van het journalistieke product. Hij bewaakt de onafhankelijkheid en de integriteit van de redactie, zodat ze de regels voor behoorlijk professioneel gedrag en de journalistieke ethiek correct kan toepassen. De hoofdredacteur is tevens het aangewezen aanspreekpunt voor de commerciële en de advertentieafdeling. Het is de opdracht van de hoofdredacteur om daarbij de redactionele onafhankelijkheid te waarborgen en erop toe te zien dat commerciële acties geen invloed hebben op de onafhankelijkheid van de redactie.

Bij deze wil het VVJ-bestuur aan de Raad voor de Journalistiek de vraag voorleggen of deze bepalingen verder kunnen worden verfijnd, zodat het voor zowel redacties als bedrijfsmanagement duidelijker wordt waar de grenzen liggen.

De finaliteit bij dat alles moet vanzelfsprekend de redactionele onafhankelijkheid zijn en blijven.

Met meer uitgewerkte richtlijnen over de verhouding tussen redactie en commercie wil de VVJ met name de (hoofd)redacties meer middelen aanreiken om zich te weren tegen ongepaste inmengingen vanwege het mediamanagement in het journalistieke werk.

Namens het VVJ-bestuur kijken we uit naar uw feedback en danken we u alvast voor de aandacht die u aan dit belangrijke thema nog zal willen besteden,

Kris Van Haver
voorzitter

Pol Deltour
Nationaal secretaris VVJ / AVBB

Algemene Vereniging van Beroepsjournalisten in België (AVBB)
Vlaamse Vereniging van Journalisten (VVJ)
Huis van de Journalist
Zennestraat 21
1000 Brussel
www.journalist.be
(tel. 02 / 777 08 40)
mob 0478 / 38 10 33