Wachten op nieuwe reprografieregeling

De federale regering bereikte een akkoord over een grondige hervorming van de reprografieregeling. In principe zullen journalisten via de JAM en Reprobel dezelfde vergoedingen kunnen krijgen als in het verleden.

Politiek akkoord over nieuwe reprografieregeling

De wetgeving op de reprografie laat toe dat particulieren, alsook onderwijs- en wetenschappelijke instellingen, overheid en bedrijven, kopieën maken van journalistiek en ander auteursrechtelijk beschermd werk zonder daarvoor telkens de toestemming te moeten vragen of een vergoeding te betalen. In ruil kan Reprobel bij de fabrikanten en gebruikers van kopieapparaten vergoedingen innen, die dan half om half onder uitgevers en auteurs worden verdeeld. In het totaal ging het de voorbije jaren om ruim 21 miljoen euro. De JAM bijvoorbeeld kon zo jaarlijks om en bij 1 miljoen euro onder de bij haar aangesloten journalisten verdelen.

Hewlett-Packard, een belangrijke fabrikant van kopieerapparaten, stelde de vergoeding die het aan Reprobel moet betalen echter in vraag, en dat leidde tot een vrij kritisch arrest van het Europees Hof van Justitie over de Belgische reprografiewetgeving. Om hieraan het hoofd te bieden, beoogt de Belgische regering nu een belangrijke bijsturing van de regeling.

Zo wordt de forfaitaire vergoeding die fabrikanten tot nu op apparaten moesten betalen afgeschaft. Enkel de gebruikers van apparaten moeten nog een vergoeding betalen aan Reprobel, en dit op basis van het effectieve aantal gemaakte kopieën. Voor het onderwijs wordt er een eigen vergoedingssysteem uitgewerkt.

Belangrijk: zowel premier Charles Michel (MR) als vicepremier Kris Peeters (CD&V) liet verstaan dat de nieuwe regeling geen negatief effect zou hebben op de vergoeding voor de auteurs. Ook de uitgevers zien hun vergoeding bevestigd, maar in een nieuwe vorm. Hoe dan ook is het wachten op de definitieve teksten van het wetsontwerp, dat straks in de Kamer van volksvertegenwoordigers wordt ingediend. De JAM volgt de ontwikkelingen op de voet in de persoon van haar directeur Anne-Lize Vancraenem, die tevens vice-voorzitter is van Reprobel.