You are here

Honorering of auteursrechten? Veelgestelde vragen

Wat is er veranderd met de wet op de auteursrechten?

Een wet van 16 juli 2008 (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 30 juli 2008) bepaalt dat auteursrechten en naburige rechten forfaitair worden belast. Dat wil zeggen dat de auteursrechten niet meer worden samengevoegd met de beroepsinkomsten (waardoor in het verleden vaak 50% ervan naar de belastingen ging), maar apart worden belast.

Die aparte belasting bedraagt 15% en wordt door de opdrachtgever(s) ingehouden en doorgestort naar de fiscus. Dat geldt voor auteursrechten tot een bedrag van 57.590 euro (inkomsten 2016 aanslagjaar 2017). Wat je daarboven zou hebben aan auteursrechten kan als beroepsinkomen worden gezien.

Bovendien heeft de wetgever een hoge forfaitaire kostenaftrek bepaald. Van de eerste schijf van 15.360 euro wordt de helft als kosten gezien. Je hoeft dus maar 15% te betalen op 7.680 euro. Voor de tweede schijf - tussen 15. 360 en 30.710 euro - is er nog een kostenforfait van 25%. Boven de 30.710 euro is er geen kostenforfait meer en ben je op dat deel van je auteursrechten 15% belasting verschuldigd.

Geldt die regeling voor alle journalisten?

Neen, de wet is enkel van toepassing op natuurlijke personen die in eigen naam auteursrechtelijk beschermd werk leveren (zowel in hoofd- als in nevenberoep). Deze wet geldt dus niet voor vennootschappen. 

Is dat nieuwe systeem veel voordeliger voor de auteur?

Laten we een cijfervoorbeeld nemen: een freelancer met een belastbaar inkomen van 55.000 euro. Als uit het contract met zijn uitgever(s) blijkt dat hij uitsluitend is betaald voor de cessie of concessie van auteursrechten, dan kan in theorie die volledige som van 55.000 euro fiscaal als auteursrecht worden aangemeld. Dus: 55.000 euro aan auteursrechten en 0 euro aan beroepsinkomsten.
Even rekenen wat dat geeft:

Brutobedrag 55.000 euro
1ste schijf 15.360 euro
- 50% kostenaftrek - 7.680 euro
Belastbare som van die 1ste schijf 7.680 euro
Roerende voorheffing van 15% 1.152 euro
2de schijf (30.710 - 15.3600) 15.350 euro
- 25% kostenaftrek - 3.837,50 euro
Belastbare som van die 2de schijf 11.512,50 euro
Roerende voorheffing van 15% 1.726,88 euro
3de schijf (55.000 - 30.710) 24.290 euro
Hiervoor geldt geen kostenforfait meer -
Roerende voorheffing van 15% 3.643,50 euro
Nettobedrag (bruto - roerende voorheffing) 55.000 - 6.522,38= 48.477,62 euro

Deze freelancer zal dus slechts 6.522,38euro belastingen moeten betalen op een bruto bedrag van 55.000 euro. Dat is dus maar 11,86 %. Véél minder dan wat hij zou hebben betaald indien die 55.000 euro fiscaal als beroepsinkomsten zouden zijn behandeld.

Als het zoveel voordeliger is, waarom is er dan zoveel heisa rond geweest?

Wel, het probleem lag in de interpretatie van het woord "auteursrechten". De uitgevers gingen ervan uit dat het hele bedrag dat ze aan freelancers betaalden volledig bestond uit auteursrechten. De VVJ vreesde dat de fiscus dat niet zou aanvaarden en dat bij herzieningen grote sommen achterstallige belastingen en boetes zouden volgen. En tussen 2009 en 2014 gebeurde het inderdaad dat belastingcontroleurs tijdens controles aangiften van 100% 'auteursrechten' verwierpen en ze volledig kwalificeerden als 'beroepsinkomsten'. Bovendien was er grote rechtsonzekerheid, omdat de interpretatie afhankelijk was van de individuele lokale controleurs.

De VVJ heeft jarenlang, bij de elkaar opvolgende ministers van Financiën, geijverd voor een duidelijke uitspraak die de rechtsonzekerheid zou wegnemen. Bij zijn aantreden als minister heeft Johan Van Overtveldt in oktober 2014 via een circulaire duidelijk gesteld dat 100 % betaald worden in auteursrechten kan, als dat ook zo duidelijk in de overeenkomst staat met de uitgever(s). Een opslitsing (bv. 70 % beroepsinkomen en 30% auteursrecht) kan ook, mits het zo in de overeenkomst staat. Is er geen percentage auteursrechten genoemd of wordt alleen in het contract vermeld dat de auteursdrechten zijn inbegrepen, dan geldt de volledige som als beroepsinkomen.

Ondertussen is gebleken dat de Bijzondere Belastinginspectie toch niet aanvaardt dat een freelancer volledig (100 %) in auteursrechten wordt betaald. Dat zou volgens die dienst "niet overeenstemmen met de werkelijkheid".

Hoe zit het dan met de btw in dat stelsel van fiscaliteit op auteursrechten?

De btw staat hier volledig buiten. Daar verandert niets aan. Wie een "contract voor uitgave" heeft met een uitgever is vrij van het aanrekenen van btw, volgens artikel 44, §3, 3° van het btw-wetboek. Dat hoeft daarom niet per se een geschreven contract te zijn: als je (geregeld) teksten of foto's aanbiedt aan een uitgever en hij aanvaardt om die te publiceren, dan is er een contract voor uitgave. In zo'n geval zegt de btw-directie dat er geen btw mag worden aangerekend.

Wie géén contract voor uitgave heeft, is wél onderworpen aan de btw. Dat geldt ook voor wie onder een vennootschapsvorm werkt. Als de omzet kleiner is dan 25.000 euro per jaar, dan is er sowieso vrijstelling van btw, wegens "kleine onderneming".

Ik heb een vennootschap opgericht, omdat ik op die manier minder belastingen moest betalen. Maar nu blijkt het fiscaal voordeliger te worden om mijn auteursrechten als persoon uit te oefenen. Wat moet ik nu?

Je kunt nieuwe contracten in eigen naam afsluiten, buiten je vennootschap om. Je kunt ook de oude contracten uit je vennootschap halen, maar dan zul je een vergoeding moeten betalen aan je vennootschap. Hoeveel? Dat is te bepalen met je boekhouder.

Mijn uitgever verplicht me nu alles op één factuur zetten, onkosten inbegrepen, en dat als "auteursrechten" te kwalificeren. Kan dat?

De gemaakte en terugbetaalde onkosten kunnen nooit als auteursrecht worden gekwalificeerd.

Maar stel dat ik nu een opsplitsing maak van prestaties enerzijds en auteursrechten anderzijds: hoe moet ik dan mijn onkosten daarover verdelen? Want er is al een forfaitaire kostenaftrek bepaald voor de inkomsten uit auteursrechten.

Je zult daar een billijke verdeling moeten maken. Al je kosten toewijzen aan je inkomsten uit prestaties is riskant als je fiscale controle krijgt, want je geniet inderdaad al een forfaitaire onkostenaftrek voor het deel auteursrechten. Het lijkt billijk om, als je 70 % van je inkomsten als prestaties beschouwt, dan ook 70 % van je declareerbare beroepskosten te plaatsen bij het deel van je inkomsten dat over die prestaties gaat.

Ik betaal sociale kwartaalbijdragen aan mijn sociaal verzekeringsfonds. Als al mijn inkomsten worden beschouwd als auteursrechten, Moet ik dan nog sociaale bijdragen blijven betalen?

Je bent een zelfstandige en dus moet je sociale bijdragen betalen. Als je geen of weinig beroepsinkomen hebt (omdat je betaald wordt in auteursrechten), dan betaal je je sociale bijdragen op een fictief minimum inkomen, dat 13.010,66 euro per jaar bedraagt. Daar betaal je dan 21,50 % sociale bijdragen op.